Contact
Links
Lid worden
Natuurpunt
Sitemap
Copyright
Print
Hyla
De amfibieŽn- en reptielenwerkgroep van Natuurpunt
close-up hielknobbel
larve heikikker legsel heikikker Heikikker

Kenmerken

De heikikker (Rana arvalis) is een relatief kleine soort die een maximum lengte bereikt van 7 cm, uitzonderlijk 9 cm. Zeer karakteristiek is de hooggewelfde en lange hielknobbel (metatarsusknobbel), die duidelijk groter is dan deze van de bruine kikker. Verder is hij eveneens van laatstgenoemde te differentiŽren door zijn spitsere snuit en de lichtgrijze band op het midden van de rug.
De rugkleur is zeer variabel, soms geelbruin, roodachtig bruin of grijsachtig bruin. Aan weerskanten van de rugstreep en op de flanken zijn donkere vlekken aanwezig. Keel en buik zijn witachtig of lichtgrijs, al dan niet met donkerbruine vlekjes. Mannetjes hebben zwarte paringsborstels op de duimen. De larve van de heikikker bereikt een lichaamslengte van 4 tot 5 cm. De staart is ongeveer 1.5 x de lengte van de romp en loopt vrij spits toe.

Levenswijze

De heikikker heeft een voorkeur voor gebieden met een hoge grondwaterstand en is een typische bewoner van laagveengebieden. In Vlaanderen is de heikikker gebonden aan de voedselarme milieus van de Kempen waar hij voedselarme (oligotrofe) tot matig voedselrijke (mesotrofe) vennen, beekjes en andere waterpartijen als voortplantingsplaats gebruikt. De heikikker is een soort die, net zoals zijn verwant de bruine kikker, vrij vroeg in het voorjaar voortplant. De eiklompen van de heikikker zijn opmerkelijk kleiner (6 tot 8 cm diameter) en meer compact dan deze van de bruine kikker en bevatten zo een 600 tot 2000 eieren.

Roep

De paarroep is een soort gedempt, blaffend geluid en wordt in series afgegeven. Het geluid wordt ook wel vergeleken met dat van een leeglopende fles.

Verspreiding

Heikikkers komen niet voor in WalloniŽ en worden in Vlaanderen enkel in de provincies Antwerpen en Limburg gevonden en zijn verspreiding is er bovendien lokaal en enigszins gefragmenteerd. Hij bezet er uitsluitend de grotere heide- en laagveengebieden of in relicten ervan: Kalmthoutse heide, Groot Schietveld in Brasschaat, Brecht en Wuustwezel), de heiden en moerasgebieden in de regio Turnhout, Ravels, Oud-Turnhout, Arendonk, Mol, Kasterlee en Retie. Verder zijn er ook belangrijke populaties in het centrale deel van de provincie Limburg (Ham, Hechtel-Eksel, Beringen en Houthalen-Helchteren), langs de noordelijke rand van het vijvercomplex van Midden-Limburg (Heusden-Zolder, Zonhoven en Genk) en langs de noordoostelijke grens van het Kempisch plateau, verder oostwaarts tot aan de rand van het Maasland (Meeuwen-Gruitrode, Opglabbeek, Dilsen, Genk, Maasmechelen, Zutendaal en Lanaken).
UTM-km-hokken waarin de soort is waargenomen (periode 1995 tot heden).

Opgelet
Door de grote belangstelling zal de 10į Herpetologische Studiedag NIET plaatsvinden in Lier. De nieuwe locatie voor de studiedag is het Huis van de Sport, Boomgaardstraat 22, 2600 Berchem.


Voor alle info of folders: info@hylawerkgroep.be

Laatste aanpassing: 02-11-2007 18:47:38