Contact
Links
Lid worden
Natuurpunt
Sitemap
Print
Hyla
De amfibieën- en reptielenwerkgroep van Natuurpunt
Close-up pupil vroedmeesterpad Larve vroedmeesterpad vroedmeesterpad met legsel vroedmeesterpad

Kenmerken

De vroedmeesterpad (Alytes obstetricans) is een kleine pad met vrij korte poten. Ze wordt maximum 5 cm groot en heeft een gedrongen lichaam en een relatief grote kop. De grote ogen hebben een verticale pupil, een kenmerk waarmee ze gemakkelijk kan onderscheiden worden van de gewone pad. De rug is grijs tot bruingrijs, soms licht van kleur en met donkergroene, roodachtige of zwarte stippen en vlekken getekend. Op de handpalm zijn drie graafknobbeltjes aanwezig. De larve van de vroedmeesterpad is vrij groot en bereikt een lichaamslengte van 8 tot 9 cm. De larven hebben een brede staartzoom die donker gestippeld is.

Levenswijze

De vroedmeesterpad is een warmteminnende soort. Deze pad wordt frequent gevonden in door de mens beïnvloede biotopen: kerkhoven, boerderijen, oude gebouwen en ruïnes. In meer natuurlijke gebieden leeft de soort vooral op een rotsachtige bodem.
De eieren van de vroedmeesterpad worden niet vrij aangetroffen in het water want het mannetje staat in voor de broedzorg en draagt de eieren gedurende hun gehele ontwikkeling mee op het lichaam en rond de achterpoten. De voortplanting gebeurt op het land. Het mannetje omklemt het vrouwtje in de lendenstreek (lumbaire amplexus). Het mannetje bevochtigt de eieren regelmatig in het water van een poel of in de dauw van het gras. Na een 3-tal weken zijn de eieren zo ver ontwikkeld dat de eistrengen kunnen afgezet worden in een waterpartij waarna de larven binnen enkele uren de eieren verlaten.

Roep

De roep van de vroedmeesterpad is vanaf begin april tot eind augustus te horen. Het is een korte, hoge fluittoon die ongeveer 40 keer per minuut herhaald wordt. Als de padden in koor roepen gelijkt dat enigszins op een "klokkenspel". Het roepen vangt na zonsondergang aan en houdt tijdens warme nachten aan tot 1 à 2 uur voor zonsopgang. Bij warm weer roepen de mannetjes soms ook overdag, wanneer ze in hun holletje verscholen zitten.

Verspreiding

België vormt de noordwestelijke grens van het verspreidingsgebied van de vroedmeesterpad. In Vlaanderen heeft de soort een sterke achteruitgang gehad. Autochtone populaties komen nu nog voor in de streek ten zuiden en zuidoosten van Brussel, in de grote boscomplexen van het Brabants heuvelland: Hallerbos (Halle, Sint-Genesius-Rode). Verder worden vroedmeesterpadden ook nog aangetroffen in Huldenberg, Borgloon en in de Voerstreek.
UTM-km-hokken waarin de soort is waargenomen (periode 1995 tot heden).

Voor alle info of folders: info@hylawerkgroep.be

Laatste aanpassing: 02-11-2007 18:59:02